“Soms is het een kwestie van de juiste vragen stellen in plaats van de juiste antwoorden geven”

door:
De invloed van softwaregigant Microsoft op het bedrijfsleven is nauwelijks te overschatten. In onze moderne samenleving is het gebruik van Microsoft Windows en Office gemeengoed geworden. Evert Romeyn is Government Affairs Manager bij Microsoft. In deze functie is hij verantwoordelijk voor het contact tussen Microsoft en de beleidsmakers in Den Haag. Fiat Justitia reisde af naar het hoofdkantoor van Microsoft in Amsterdam en sprak met de alumnus van de rechtenfaculteit van de Erasmus Universiteit Rotterdam over zijn carrière, zijn werkzaamheden en zijn rol bij de totstandkoming van regelgeving op het gebied van cookies en cloud computing.

Hoe bent u op deze positie terecht gekomen?

Aan de Erasmus Universiteit ben ik privaatrechtelijk afgestudeerd. Vervolgens heb ik tien jaar lang gewerkt bij het Ministerie van Economische Zaken. Binnen dat ministerie ben ik mij gaandeweg gaan focussen op de implementatie van telecomrichtlijnen. Vervolgens heb ik de overstap gemaakt naar het bedrijfsleven.

In uw functie bent u verantwoordelijk voor het contact tussen Microsoft en de beleidsmakers in Den Haag. Hoe gaat dat contact in zijn werk?

In eerste instantie kijk ik naar de ontwikkeling van beleid en regelgeving die van toepassing is op de activiteiten die Microsoft ontplooit of zijn klanten ondernemen.

In eerste instantie kijk ik naar de ontwikkeling van beleid en regelgeving die van toepassing is op de activiteiten die Microsoft of zijn klanten ondernemen

Het is belangrijk om te selecteren wat prioriteiten heeft om niet onnodig veel druk op de overheid te leggen Het is niet handig om met allerlei meningen als vijfde wiel aan de wagen te hangen. Je contacten met de overheid en je klanten dienen er dan ook toe te leiden dat je op het juiste moment met relevante informatie komt. Zo vertaal je jouw visie op de regelgeving naar een voorkeursmodel om activiteiten beter mogelijk te maken en dat communiceer je door naar de overheid. Overigens is dit een wisselwerking; soms vraagt de overheid bijvoorbeeld wat onze mening is over een onderwerp waar wij zelf nog niet bij stil hebben gestaan.

Wat is een onderwerp waar u zich nu bijvoorbeeld mee bezighoudt?

Cloud computing; een manier van omgang met data waarbij de data continu van locatie wisselt. Het idee hierachter is dat data niet langer op één computer te bewerken is, maar dat de gebruiker vanaf iedere computer in kan loggen en bij zijn bestanden kan. Cloud computing is nu steeds meer in opkomst. Zo heeft Microsoft bijvoorbeeld vorige week de Nederlandse versie van online Office 365 gelanceerd. Het huidige geldende recht voor de omgang met data is neergelegd in de Dataprotectierichtlijn. Deze richtlijn is gebaseerd op de gedachte dat data op één fysieke locatie staat, inmiddels een achterhaalde gedachte. In de cloud beweegt data namelijk en dat stelt andere eisen. Doordat data beweegt, merk je dat diverse landen de richtlijn op andere wijze hebben geïmplementeerd. In het proces van cloud computing werk je vaak met ketens. Je hebt de aanbieder van de software en diensten. Wanneer deze diensten uit verschillende landen afkomstig zijn, ontstaat de vraag welke regelgeving leidend is op het moment dat er juridische vragen opkomen. De huidige datarichtlijn geeft daar geen antwoord op.

Vaak is het een kwestie van informatie verschaffen aan de overheid over het belang van bepaalde zaken voor het bedrijfsleven, zonder direct slechts naar het belang van Microsoft te kijken

Als je kijkt naar de karakteristiek van cloud computing, namelijk data die beweegt over grenzen waar dezelfde richtlijn verschillend is geïmplementeerd, is er geen oplossing voorhanden. Bovenstaande problematiek geeft aanleiding om bij herziening van de richtlijn aandacht te schenken aan dit nieuwe fenomeen in datagebruik.

En het is dan aan u om te zorgen dat er gunstige voorwaarden voor Microsoft in de regelgeving wordt verwerkt?

Nee, zo concreet ligt het niet. Vaak is het een kwestie van informatie verschaffen aan de overheid over het belang van bepaalde zaken voor het bedrijfsleven, zonder direct naar het belang van Microsoft te kijken. Een goed voorbeeld van kijken naar het algemene belang is de ontwikkeling van intellectueel eigendomsrechten en de relatie tot de Nederlandse softwaresector. Er is vorig jaar een studie geweest naar de R&D-structuur (onderzoek en ontwikkeling red.) van de Nederlandse softwaresector. Daar is uitgekomen dat voor de kleine IT-bedrijven intellectuele eigendom een belangrijke rol speelt. Deze uitkomst was voor ons niet onverwachts, maar voor de overheid wel. Als je constateert dat opkomende economieën veel intellectuele eigendom ontwikkelen en Nederland daarbij achterblijft, moet je de vraag stellen hoe kwetsbaar je Nederland wil opstellen ten opzichte van die opkomende economieën. Wanneer immers de intellectuele eigendomsrechten in een ander land liggen, kan Nederland op enig moment een betalend land worden voor rechten in het buitenland. Over deze mogelijke problematiek heb ik een dialoog met de overheid. Zo zie je dat mijn taak breder is dan simpelweg de wil van Microsoft doordrukken.

Het is dus veel meer een dynamisch proces van communicatie met allerlei partijen dan klassiek lobbywerk?

Ja, dagelijks kijk ik naar meningen, visies en documenten die rondgaan op de voor ons belangrijke gebieden. Vervolgens kijk ik met collega’s of er aanleiding is om daar wat mee te gaan doen. Daarnaast krijg ik dagelijks vragen van bijvoorbeeld klanten van Microsoft die absolute zekerheid willen hebben over privacyaspecten en Europese regelgeving met betrekking tot dat eerder genoemde cloud computing. De antwoorden op deze vragen gebruiken wij vervolgens bij de begeleiding van onze klanten. En tot slot meld je een maatschappelijk issue bij de overheid wanneer daar een reden voor is.

Kunt u een praktijkvoorbeeld geven van een maatschappelijk issue?

Eén van die kwesties is digital inclusion geweest. Dat heeft betrekking op mensen die niet de vaardigheid hebben om met ICT te werken in een omgeving waar dat een vereiste is. Wij hebben samenwerking gezocht met de gemeente Amsterdam als initiatief om mensen te leren werken met computers en om rekening te houden met fysieke beperkingen. Dit initiatief is vervolgens uitgegroeid naar diverse gemeenten. Uiteindelijk is digital inclusion afgelopen voorjaar een politiek thema geworden, omdat de overheid niet aan de werkrichtlijnen voldoet op het gebied van online toegankelijkheid. Er vond een discussie in de Kamer plaats met minister Donner waar de boodschap was: dwing gemeentes om aan de verplichtingen te voldoen om websites voor alle personen toegankelijk te maken. Wij waren overigens op datzelfde moment al op het punt dat wij als enige commerciële bedrijf een volledig compliant website hadden op het allerhoogste niveau van toegankelijkheid.

Probeert Microsoft uit zijn kwestie een commercieel voordeel te halen?

Ja, we hebben deze maatschappelijke ontwikkeling door gecommuniceerd naar de development community. Wij realiseerden ons namelijk dat wij te weinig hadden verteld over de mogelijkheid om volledige toegankelijkheid in ons eigen platform in te bouwen als integraal onderdeel van onze producten. Dus er bleek meer in ons platform te zitten dan waar wij zelf bij stil hadden gestaan. Dat kan commercieel interessant zijn.

Over Evert Romeyn

Evert Romeyn studeerde van 1980 tot 1986 rechten aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Na zijn studie is hij tien jaar lang werkzaam geweest bij het Ministerie van Financiën. Daarna volgde de overstap naar het bedrijfsleven. Thans is Romeyn Government Affairs Manager bij Microsoft.

Uit: Fiat Justitia, 2011, jaargang 23, nummer 4.