Steve Brown, een Don Quichot

door:
Op het laatste moment wordt van locatie gewisseld. Was eerst een café in de buurt van de Dam het geplande decor voor de ontmoeting, nu wijken we uit naar de Burger King op het Amstel Station. Er hangen daar meerdere camera’s en er is gratis bewaking; een veilige manier van kantoorhouden dus. Het geeft wel aan dat voormalig hasjhandelaar en drugsbaron Steve Brown nog steeds rekening houdt met een aanslag op zijn leven. Tegenwoordig is hij schrijver en probeert hij mede via zijn weblog de ‘maffiajournalistiek’ in Nederland aan de kaak te stellen. We spreken met hem over het leven als drugsbaron, de vete met Peter R. de Vries en de succesvolle periode van The Happy Family.

U bent opgegroeid in de Amsterdamse wijk De Pijp, komt uit een stabiele familie en had thuis niet veel te klagen. Hoe kan het dan dat u toch in de criminaliteit bent beland?

Ik ben helemaal niet in de criminaliteit beland! Want wat bepaalt wie de criminelen zijn? Het beperkte en verouderde wetboek van strafrecht, dat slechts min of meer 400 artikelen bevat, is aan het einde van de 19e eeuw geschreven door de toen heersende klasse. Die heeft een aantal volkshandelingen die uitsluitend door het gewone volk gedaan werden in het wetboek van strafrecht gezet. Om die gedragingen van het gewone volk te kanaliseren, zoals openbare dronkenschap, souteneurschap, een ledig leven leiden, was slechts een dun wetboekje nodig. Als je dat wetboekje overtrad, dan werd je een misdadiger genoemd.

Maar er moest ook iets gebeuren met de gedragingen van de heersende klasse. Want kasteelheren ruzieden over de landsgrenzen en edelmannen over handelswaren die uit India kwamen en niet volgens de afspraken werden betaald. Deze gedragingen zijn ze op een andere manier gaan regelen dan die van het gewone volk; ze hebben het privaatrecht genoemd. Want als je een wet schrijft voor jezelf en de jouwen, dan ga je natuurlijk niet aankomen met lijfstraffen of leven op water en brood.

Al die mogelijke ‘eliteconflicten’ zijn geregeld in acht wetboeken in, geloof ik, bijna 2000 artikelen: hoe er geërfd gaat worden, bezit, eigendom enzovoorts. Dit soort bepalingen hoefde niet in het wetboek van strafrecht; dat was namelijk niet nodig voor het gewone volk, want die hadden toch niks. Dus ja, door de bril van het oude wetboek van strafrecht ben ik een crimineel, maar ik beschouw mijzelf niet als crimineel.

Maar wat is in uw ogen dan wel criminaliteit?

Het gaat om perceptie. Mensen vormen een beeld als ze naar televisie kijken, de kranten lezen en college volgen op de universiteit; wie ze daar voorgeschoteld krijgen, zijn de ware criminelen. Mijn perceptie is een hele andere. In deze jaargang van uw blad zag ik zo vijf echte criminelen voorbijkomen, die door u als zeer gerespecteerde personen worden gezien.

Die Hans van Baalen van de VVD bijvoorbeeld, is een pure crimineel in mijn optiek. Als je kijkt naar de theorie van het maatschappelijk nut is het een rascrimineel, bij wie Holleeder in het niet valt. En onze minister van Justitie is in mijn perceptie en filosofie de facto zelfs een tien keer grotere crimineel dan Holleeder.

Kunt u dat uitleggen?

Een tijdje geleden was er de kindermoordenaarshow van Peter R. de Vries op televisie over Koos H. Die man is veroordeeld tot levenslang voor de moord op drie meisjes in de jaren tachtig en kan door zijn opsluiting nooit meer iemand kwaad doen. Het maatschappelijk nut van alle drukte over de openbaring dat Koos H. vieze dingen in zijn cel doet, is dus nihil. Wat maakt het uit dat die man naar een pornofilm kijkt in zijn cel? Het leverde vier miljoen kijkers, kamervragen en een gestreste minister van Justitie over deze kwestie op.

Op de Belgische televisiezender Canvas was op datzelfde moment een uitzending over kinderen in de cacaoslavernij in West-Afrika. Geen op sensatie beluste tv-show, maar een programma waarin feitelijk werd aangetoond dat Nederlandse firma’s zoals Nescafé op grote schaal cacao verwerken die afkomstig is van plantages waar deze – vaak geroofde – kindslaven werkzaam zijn. Dáárover zouden kamervragen gesteld moeten worden en tegen díe bedrijven zou de minister op moeten treden. Nee, er worden vragen gesteld hoe het kan dat Koos H. naar een pornofilm kan kijken. Who cares!

Maar hoe bent u dan in aanraking gekomen met het wetboek van strafrecht?

Heel simpel! Als je opgroeit in een volksbuurt zoals De Pijp is de kans groter dat je het wetboek van strafrecht overtreedt dan dat je opgroeit in Aerdenhout. Daar overtreed je sneller het privaatrecht. Maar het beeld van de gemiddelde volksmisdadiger klopt niet. Wat mij opviel toen ik in de gevangenis zat als verdachte van twee moorden, is dat ongeveer tachtig tot negentig procent van deze volksmisdadigers geestelijk gestoord is. Die groep is onopgeleid, heeft geen allemaal perspectieven, is verslaafd aan drugs of alcohol. Deze mensen zijn ziek en moeten worden behandeld aan hun ziekte. Die horen helemaal niet thuis in de gevangenis; die horen eigenlijk in een inrichting.

Dan heb je nog ongeveer twintig procent van wie je kan zeggen dat die mensen bewust voor het criminele pad gekozen hebben. Maar of het nou gaat om het overtreden van het strafrecht of het privaatrecht, uiteindelijk draait het om de poen. En dan is het dus bepalend of je opgroeit in een volksbuurt of een elitebuurt. Ik was ook liever CEO geworden van de Shell dan drugsbaron.

Ik was ook liever CEO geworden van de Shell dan drugsbaron

Er speelt al een lange periode een vete tussen u en Peter R. de Vries. Wat is de achtergrond van deze vete?

In 1996 was ik een belangrijke getuige in de rechtszaak tegen de criminele organisatie van Martin Hoogland; hij is de moordenaar van maffiabaas Klaas Bruinsma en drugshandelaar Tony Hijzelendoorn. In de gewraakte uitzending van De Vries heeft hij toen geprobeerd mij in de val te lokken en neer te zetten als een onbetrouwbare getuige die cocaïne gebruikte op de Wallen. Hij werd hiervoor ingehuurd door Sam Klepper en John Mieremet, oftewel Spik en Span. Sam en John behoorden destijds tot de kring rondom de maffiabaas Klaas Bruinsma en wilden wraak op mij nemen voor de moord op Bruinsma. Deze bizarre link van De Vries met de kring rondom Bruinsma verzin ik niet zelf. In een arrest heeft het Hof letterlijk gezegd: De Vries onderhoudt een profijtelijke relatie met de Bruinsma-groep (Gerechtshof te Amsterdam, arrest van 15 juli 1993 onder rolnr. 912/92, red.). Die De Vries is dus gewoon een maffiajournalist.

In een arrest heeft het Hof letterlijk gezegd: de Vries onderhoudt een profijtelijke relatie met de Bruinsma-groep. Die De Vries is dus gewoon een maffiajournalist.

Hoe komt het dan dat uw kritiek op hem niet gedeeld of geuit wordt in de media door anderen?

In de VS zou je met zo’n arrest aan je broek niet meer aan de bak komen. Maar helaas is John de Mol de eigenaar van het programma van De Vries. De Mol beheerst direct of indirect tachtig procent van de Nederlandse media en heeft dus een enorme invloed hierop. Men kijkt als journalist dus wel uit om in conflict te komen met meneer De Mol. Hij bepaalt het beeld dat de maatschappij heeft van De Vries via de media; perceptie via de media op precies dezelfde wijze als dat gebeurt in Italië met Berlusconi.

Maar wat heeft John de Mol daaraan?

John de Mol is ooit gefinancierd door Klaas Bruinsma, Charles Geerts en John Engelsma. Hij was rond 1980 bijna failliet en toen hebben deze drie heren in het diepste geheim een miljoen gulden geïnvesteerd. Dat miljoen heeft hij gekregen via bemiddeling van De Vries, want die had destijds al connecties met Klaas Bruinsma. Deze relatie tussen De Mol en De Vries noemen wij in onze volksmisdaadmond een verbond. Peter R. de Vries en John de Mol hebben dus sinds 1980 een verbond. De Vries kan altijd schermen met het openbaar maken van de informatie dat De Mol is begonnen met een miljoen drugsgeld afkomstig van de groep Bruinsma. En als de FIOD en de belastingdienst er dan bij komen, kan het hard gaan. Als uitkomt dat De Mol zijn imperium heeft opgebouwd met drugsgeld, stopt de cashflow en is hij binnen no time failliet.In het criminele milieu zijn de afgelopen jaren diverse afrekeningen geweest. Er is ook een moordaanslag op u gepleegd.

Hoe komt het dat er in al deze gevallen bijna nooit mensen worden veroordeeld?

In mijn geval was er wel een verdachte, hij heeft ook acht maanden in voorarrest gezeten, maar is verder nooit veroordeeld. Tot medio 1998 werd er een afwachtend beleid gevoerd door de Amsterdamse politie-eenheid ernstige delicten. De stelling luidde: als de onderwereld de doodstraf hanteert, waarom zouden wij dan actief optreden? Er werd in die tijd bijna geen actieve opsporing gedaan. In het onderzoek rond de aanslag op mijn persoon is er zelfs helemaal niemand gehoord!

Daarnaast heeft het budgettaire redenen. De recherche moet prioriteiten stellen en er wordt dan ook liever energie gestopt in andere zaken die veel gevoeliger bij het volk liggen. Een vermoorde crimineel is nu eenmaal minder erg dan een verkrachte en vermoorde onschuldige vrouw. Ik snap dat ook wel. In het jaar 2000 is er overigens een kentering gekomen, omdat toen heel Amsterdam bezaaid lag met lijken, zelfs in de betere buurten. Toen waren makelaars (Willem Endstra, red.) en advocaten (Evert Hingst, red.) opeens ook doelwit. Het liep dus de spuigaten uit. Daar is de welbekende passageliquidatiezaak uitgerold, waarin een reeks moorden in de onderwereld werden onderzocht.

Tijdens de periode van The Happy Family, de succesvolle coffeeshopketen, zouden er vele tonnen aan subsidie door u zijn misbruikt. Is dit juist?

Dat is een misvatting die ook is vastgesteld door accountantskantoor Dijker en Doornbos. De subsidie van de gemeente en enkele liefdadig-heidsinstellingen samen was op het hoogtepunt van The Happy Family (formeel een stichting voor randgroepjongeren, red.) 1,2 miljoen gulden per jaar. Zo’n bedrag krijg je voor verschillende posten toegewezen, dus er wordt niet in één keer 1,2 miljoen in je schoot geworpen. Alles moest worden verantwoord met bonnen. Een groot deel moest bijvoorbeeld worden uitgegeven aan huisvesting, onderhoud en dat soort zaken en maar een klein deel was vrij te besteden. Maar als wij voor een bepaalde post een budget hadden van een ton, gaven wij per clubhuis een miljoen uit. Dat werd betaald van drugsgeld, baromzetten en gokkastopbrengsten. Onze werkelijke omzet in die periode was 50 miljoen gulden per jaar, exclusief de subsidies. Dat is vastgesteld door de FIOD. We hadden die subsidies dus eigenlijk helemaal niet nodig.

Wat is er met al het geld dat verdiend werd met drugshandel via The Happy Family gebeurd?

Dat is allemaal op. Deels dankzij de belastingdienst, want wij kregen een BTW-aanslag van 12 miljoen per jaar. Hiervoor heeft justitie vier jaar lang een etage gehuurd tegenover elke Happy. Er waren rechercheurs die dag en nacht vier jaar lang aan de bar hebben gezeten om alle klanten te turven. Verder hadden wij 200 man personeel in dienst. Die verdienden allemaal 200 gulden netto per dag, plus tien procent van de gokkasten en tien procent van de drugsomzet. Ze verdienden meer dan de juristen die voor ons werkten! Omdat we formeel een stichting waren en geen last wilden krijgen met bepaalde instanties, lieten we alle medewerkers een uitkering nemen. Die werkten dan als vrijwilligers voor onze stichting. Van de rest van het geld is ook niets meer over. Als het makkelijk binnenkomt, wordt het ook makkelijk weer uitgegeven!

U hebt zelf op latere leeftijd rechten gestudeerd in Amsterdam en u hebt vaak kritiek op justitie. Wat is uw punt van kritiek?

Wij leven op dit moment in een mediacratie. De media is nu zó’n belangrijke factor in onze rechtsstaat. Zoals jullie weten, hebben wij in Nederland het opportuniteitsbeginsel. Als er een strafbaar feit geconstateerd wordt, bepaalt de officier van justitie of er vervolgd gaat worden. Ik vind dat er in dit verband te vaak onder druk van de media beslissingen door het OM genomen worden. Het OM had vroeger iets magistratelijks. Dat is nu al lang niet meer zo en ik heb het idee dat ze daar niet mee om kunnen gaan en daarom allerlei rare capriolen uithalen. Maar mijn kritiek gaat verder dan justitie, want voor de politiek geldt hetzelfde verhaal. Vroeger had je politici bij wie principe vóór gewin ging. Er zaten toen echte dames en heren in de Kamer die voor hun vak geleerd hadden. Tegenwoordig bepalen SBS en Hart van Nederland de agenda van de Tweede Kamer. Ik denk vaak met weemoed terug aan het establishment van toen.

Het schijnt moeilijk te zijn om uit de criminaliteit te stappen of – om in uw woorden te spreken – te stoppen als overtreder van het wetboek van strafrecht. Hoe komt dat?

Ik zal uitleggen waarom dat zo moeilijk is. Stel, je bent een kruimeldief. Als je dertig of veertig jaar bent, geen opleiding hebt, je alcoholist bent en geen steun hebt van familie, wat moet je dan gaan doen als je bijvoorbeeld uit de gevangenis komt? Het enige wat je de laatste jaren hebt gedaan is een uitkering trekken en een inbraakje hier en daar. Daar moet dan een resocialiserend traject tegenaan gezet worden; in het beste geval verloopt dit traject positief en ga je werken in bijvoorbeeld een snackbar. In het meer waarschijnlijke geval gaat de kruimeldief gewoon verder waar hij was gebleven.

En stel je bent een drugsbaron. We hebben het nu over de grote criminelen. Je hebt dat je hele leven gedaan; vaak hebben ook die mensen helemaal geen opleiding. Waar kan je dan gaan werken als je besluit te stoppen met de criminaliteit? Theoretisch gezien zou je buschauffeur kunnen worden, maar de stap naar een normaal beroep is in de praktijk veel te groot. Stel dat Holleeder over een paar jaar vrij komt. Denk je, dat hij ergens in een snackbar gaat staan?! Die man kan ook moeilijk van de bijstand gaan leven, want hij is gewend zo’n bedrag per dag op te maken.

Stel dat Holleeder over een paar jaar vrijkomt. Denk je dat hij ergens in een snackbar gaat staan?!

Als u terugkijkt op uw leven, hebt u dan spijt van dingen?

Ik heb daar nooit echt goed over nagedacht, eerlijk gezegd. Dit leven heeft me in ieder geval in alle uithoeken van de aarde gebracht, terwijl ik een groot liefhebber van reizen ben. Ik hou ervan om op plekken te komen waar je met Neckermann Reizen niet komt: plekken waar nog geen toeristen zijn of waar normale mensen niet kunnen komen; echt het avontuur opzoeken. Ik ben in Afghanistan, Manilla en de Filippijnen geweest; allemaal in verband met mijn adviezen op de geestverruimende markt. Ik heb ontzettend veel gereisd en was daardoor zes maanden van het jaar in het buitenland in die tijd. Al die reizen maakte ik om zo de tussenhandel uit te schakelen en de drugs rechtstreeks van de boer aan de consument te kunnen leveren. Ik ben neergeschoten, heb in de gevangenis gezeten, heb de wereld overgereisd en ben zelfs rechtenstudent geweest. Laten we zeggen dat ik een vol en rijk leven heb gehad.

Over Steve Brown

Steven Kees Aaron (Steve) Brown (26 oktober 1954) is een nederlands zakenman en auteur van Amerikaanse afkomst (Roseville, Californië). in de jaren 80 stond hij aan het hoofd van de controversiële coffeeshop The happy Family en in de jaren 90 was hij kroongetuige in de rechtszaak tegen Martin hoogland. hij heeft openlijk toegegeven in de jaren 70, 80 en begin jaren 90 in de hashhandel actief te zijn geweest, maar heeft de criminaliteit naar eigen zeggen in 1992 de rug toegekeerd. Brown kwam als 2-jarig kind naar nederland en woonde in de Amsterdamse buurt de Pijp. op zijn 16e was hij daar schoorsteenveger. Brown volgde op het Amsterdamse Montessorilyceum twee jaar de hBS en haalde daarna het hBo-diploma sociaal werk. hij behaalde in 2000 zijn propedeuse nederlands Recht. hij publiceert op zijn weblog artikelen over de Amsterdamse onderwereld, en schrijft boeken. in 2008 verscheen zijn boek Steve Brown in Gangstas Paradise. Binnenkort verschijnt zijn nieuwste boek: Tijdperk P. R. de Vries 25 jaar maffiajournalistiek in Nederland.

Uit: Fiat Justitia, 2010, jaargang 22, nummer 4.